Wanneer moet je met je baby/kind naar de dokter?

Wanneer moet je met je baby/kind naar de dokter?

Wanneer moet je met je baby/kind naar de dokter?

 

Als je voor de eerste keer moeder wordt, heb je voor je kleintje automatisch gekozen voor een van de belangrijkste personen in zijn prille leven en dat is… je prenatale arts.

Tijdens zijn eerste levensjaar ga je waarschijnlijk vaker met je baby naar de dokter dan later.

Dat betekent dat je met de dokter van je baby een goede band moet smeden die alle builen, schrammen en nachtelijke koortsaanvallen overleeft.

De eerste raadpleging verschilt van dokter tot dokter, maar je kan je waarschijnlijk wel verwachten aan:

  • Een volledig lichamelijk onderzoek van je pasgeborene
  • Meting van lengte, gewicht en hoofdomtrek om te zien hoe je baby sinds de geboorte evolueert
  • Advies over wat je de volgende maand kan verwachten
  • Observatie van het gezichtsvermogen, het gehoor en de reflexen van je pasgeborene
  • Vragen over hoe het gaat met jou en de nieuwe baby en of je baby goed eet en slaapt
  • En nog veel meer….

Baby’s worden in hun prille leven beschermd tegen infectieziekten door de antistoffen die ze krijgen van hun moeder via de navelstreng. Zo hebben ze een natuurlijke immuniteit.

Die immuniteit is echter slechts tijdelijk omdat baby’s van nature hun eigen immuniteit tegen vele infectieziekten zullen ontwikkelen.

Een van de inentingen die best onmiddellijk, binnen de 24 uur na de geboorte, wordt toegediend aan je pasgeborene is de vaccinatie tegen hepatitis B.

Als je regelmatig een check-up laat doen bij je kind blijft het gezond en krijgt het op tijd de inentingen tegen vele ernstige kinderziekten.

Tijdens een check-up kan je met je dokter ook praten over ontwikkelings- en veiligheidsproblemen en krijg je antwoorden op vragen over de algemene gezondheid van je kind. Als kinderen al wat groter zijn, kunnen ze ook zelf vragen stellen over hun gezondheid en lichamelijke verandering.

De dokter legt ook uit welke vaccinaties nodig zijn voor de gezondheid van je kind.

Vaccinaties zoals:

  • Hib
  • Bof, Mazelen en Rodehond (BMR)
  • Difterie, Tetanus en Kinkhoest (DTK)
  • Waterpokken (varicella)
  • Pneumokokkenconjugaat (PCV, PPSV)
  • Geïnactiveerd poliovirus (IPV)
  • Meningokokken

Hij zegt ook wanneer je kind die inentingen moet krijgen.

Daarnaast kan je kind ook een griepprik krijgen. Vanaf de leeftijd van 6 maanden is het nuttig die inenting elk jaar vóór het griepseizoen te herhalen.

Als je kind een tiener wordt, vraagt de dokter je misschien om even weg te gaan. Hij kan dan even rustig praten met je kind. Dat is heel belangrijk voor kinderen, vooral als ze op zoek zijn naar meer zelfstandigheid en meer verantwoordelijkheid over hun gezondheid.

Ouders krijgen het advies om elk ongewoon medisch probleem dat ze bij hun kind vaststellen te melden.

Symptomen zoals:

  • Menstruatieproblemen
  • Gewichtsveranderingen of andere eetgewoontes
  • Hardnekkige hoest, piepende ademhaling of andere ademhalingsproblemen
  • Gedragsveranderingen of andere slaappatronen
  • Lokale pijn
  • Groeivertraging en trage puberteitsontwikkeling
  • Veelvuldig en langdurig braken of diarree
  • Tekenen van een huidinfectie of een ongewone aanhoudende huiduitslag
  • Koorts en er ziek uitzien

Als je kind wat ouder wordt, overweeg je misschien om van de kinderarts over te stappen naar een andere dokter.

Je kind voelt zich misschien niet meer op zijn plaats in een wachtkamer waar peuters op het meubilair klauteren en moeders kirren naar de baby’s op hun schoot.

Op welke leeftijd of op welk ogenblik kijk je best uit naar een andere arts voor jouw kind? Het antwoord op die vraag is relatief.

Je kinderarts is waarschijnlijk goed op de hoogte van de mijlpalen in de ontwikkeling van kind naar tiener en zijn praktijk is misschien beter geschikt om tieners met seksuele, mentale en sportieve problemen verder te helpen dan die van een arts die uitsluitend met volwassenen werkt.

Veel kinderen vinden het niet prettig om hun kinderarts aan te spreken over bepaalde zaken zoals anticonceptie, soa-screening of andere gezondheidskwesties omdat ze hem zien als een ‘babydokter’.

Een 13-jarige wil vaak, tenminste tijdens een deel van de raadpleging, alleen en dus zonder zijn ouders praten met de kinderarts. Zo kan het kind een één-op-éénrelatie ontwikkelen met de dokter en leert het ook rechtstreeks praten met een gezondheidsdeskundige.

Op die leeftijd moet het kind de mogelijkheid krijgen om zich alleen te laten onderzoeken.

Het betekent gewoonweg dat het kind ook recht heeft op een vertrouwensrelatie dokter-patiënt.

Dat creëert een veilige omgeving voor kinderen die verlegen zijn om met hun ouders over sommige problemen te praten.

En dat brengt ons nu bij de populaire vraag:

Waarin verschilt een huisarts van een kinderarts?

Je plaatselijke dokter of huisarts volgde een algemene medische opleiding en behandelt verschillende gezondheidsproblemen in alle leeftijdsgroepen. Sommige dokters hebben specifieke interesses voor bepaalde patiëntengroepen, bijvoorbeeld vrouwen of kinderen, andere specialiseren zich in een bepaalde medische discipline.

De huisdokter is meestal de eerste persoon die je contacteert als je bezorgd bent over de ontwikkeling of gezondheid van je baby.

Bespreek de problemen eerst met de huisarts en hij zal je dan helpen beslissen of je best een andere medische professional of specialist, zoals een kinderarts, raadpleegt. Ik denk dat dat duidelijker weergeeft wat een huisdokter doet.

Een huisdokter kan voor jou het volgende doen:

  • De gezondheid en ontwikkeling van je kind opvolgen
  • Met jou spreken over je persoonlijke zorgen en stress
  • Doorverwijzen naar andere zorgverstrekkers en ondersteunende instellingen zoals logopedisten of kinderpsychologen
  • In de eerste plaats je helpen gezondheidsproblemen te voorkomen
  • Minder ernstige ongevallen behandelen, zoals snijwonden, kleine verwondingen en sommige breuken ingipsen
  • Vaccineren

Nu begrijp je het werk van een huisarts… niet?

Een kinderarts is een dokter die gespecialiseerde geneeskundige zorgen verstrekt aan baby’s, kinderen en adolescenten.

Na hun doktersstudies volgden zij minstens nog zes jaar opleiding om het diploma van pediater te halen.

Ze moeten goed op de hoogte zijn van de verschillende kinderziekten en aandoeningen die de gezondheid, het welzijn en het gedrag van je kind kunnen beïnvloeden.

Kinderartsen hebben inzicht in de samenhang tussen verschillende ziekten en aandoeningen. Sommige kinderartsen volgen een algemenere opleiding, andere specialiseren zich in een bepaald gebied, bv. neonatologie, cardiologie, ontwikkeling en gedrag.

Ik weet dat je volgende vraag zal zijn:

Wanneer moet ik met mijn kind naar een pediater?

Die beslissing wordt meestal genomen nadat je met je kind bij de huisarts geweest bent voor een onderzoek en gesprek.

De huisarts moet bevestigen dat je kind gespecialiseerde zorg en behandeling nodig heeft.

Dit is waarover een kinderarts kan oordelen en wat hij kan behandelen bij jouw kind:

  • Beperkingen zoals het Downsyndroom, hersenverlamming, fragiele-X-syndroom
  • Ontwikkelingsachterstand
  • Gedragsproblemen
  • Autisme en ADHD
  • Spier- en botproblemen zoals O-benen of de ontwikkeling van heupdysplasie
  • Geremde groei
  • Astma en allergieën
  • Slaapproblemen
  • Fecale incontinentie en constipatie
  • Hersenaandoeningen zoals epilepsie

Conclusie: als je denkt dat er iets mis is met je kind, aarzel dan niet om het te bepreken met de dokter.

Denk eraan!

Jij kent jouw kind het best.

Succes!

 

——————

Keer terug naar de blog en de andere artikels

PS: Doctena is een medische onlinereserveringsdienst en is beschikbaar in Oostenrijk, België, Duitsland, Luxemburg, Nederland, en Zwitserland.

.